BCR Publishing
We are the leading provider of news, market intelligence, events and training for the global receivables finance industry.
Working with industry leading organisations, experts, governments and universities, BCR Publications delivers expertise in factoring, receivables and supply chain finance to a global audience.
BCR has long been a beacon of innovation and excellence in the realm of receivables finance, playing an instrumental role in shaping the industry’s international landscape. Through its comprehensive conferences, insightful publications, and thought leadership, BCR has facilitated crucial dialogues and connections among industry professionals, driving forward the development of receivables finance globally.
Follow BCR Publishing
Free passes
For corporate treasurer roles/functions!



Buddy, can you spare a virtual dime?
| 6-3-2017 | Lionel Pavey |
In januari 2017 was in Het Financieele Dagblad in een artikel te lezen, dat mobiele telefoonprovider Bharti Airtel India’s eerste betalingsbank had gelanceerd, de Airtel Payments Bank. Dit is een nieuwe banksoort, waarvoor de Indiase centrale bank RBI in 2014 richtlijnen uitgaf. Wij vroegen onze expert Lionel Pavey om uit te leggen wat het verschil is tussen een betalingsbank en een traditionele bank en wat een betalingsbank mogelijk maakt.
Wat is een betalingsbank?
Bij een betalingsbank kan men geld storten en betaalopdrachten verrichten, maar de bank kan geen krediet verstreken. Traditionele banken kunnen vele malen hun eigen vermogen uitlenen onder het huidige systeem – een betalingsbank kan zijn overtollige middelen alleen uitlenen aan de overheid. Zo een bank wordt beschouwd als heel veilig en heeft een zeer solide balans.
Betalingen worden aangeboden via online betaalsystemen gekoppeld aan mobiele telefoons. De bank heeft geen fysiek netwerk van kantoren – hiermee kan zij haar diensten goedkoper aanbieden dan traditionele banken. Toegang tot een bankrekening is dus makkelijker en daarmee ontstaat concurrentie voor de bestaande banken. Het toetredingsdrempel is lager – hiermee kunnen meer mensen gebruik maken van bankdiensten.
Een betalingsbank (bijvoorbeeld via een telefoon provider) kan uiteindelijk leiden tot een toekomst waar contant geld niet meer zal bestaan.
Cashless betalen
Pinnen is al een vorm van cashless betalen. Sportverenigingen, bedrijfsrestaurants, winkels, horeca en openbaar vervoer zijn instanties du nu al gebruik maken van cashless betalen. Niet alleen via een bankpas, maar ook via een betaalsleutel die gekoppeld is aan een digitale portemonnee. Zulke diensten kunnen ook aangeboden worden door niet bancaire partijen – zoals telecom providers. In 2003 introduceerde Rabo al het product MiniTix – een elektronische portemonnee.
Wat zijn de voordelen?
Wat zijn de nadelen?
In het dagelijkse leven: mijn dochter
Mijn dochter is 10 en krijgt zakgeld. Het geld gaat in een spaarpot. Als zij iets wil kopen moet het geld uit de spaarpot gehaald worden en geteld. Eenmaal aangekomen bij de winkel treedt de “wet van Pappa” in werking.
Als ik haar aankoop als educatief beschouw, wil ik 50 pro cent van de aankoop-prijs betalen. Maar als iets EUR 20 kost moet mijn dochter wel EUR 20 in haar spaarpot hebben. Zij kan niet komen met EUR 10 in de veronderstelling dat ik de andere EUR 10 ga betalen.
Zo leer ik mijn dochter om te gaan met geld. Zij moet ook zelf afrekenen bij de kassa en, indien nodig, alle relevante vragen aan de verkoper stellen. Op het moment dat zij alles uit haar spaarpot uitgeeft, moet zij beseffen dat zij er niets meer zal overhouden als zij de gewenste aankoop doet – zij gaat terug naar nul en moet weer alles opbouwen. Dit kan een sober effect veroorzaken – een openbaring.
Hoe doet u dit met uw eigen kinderen?
En hoe gaan wij onze kinderen leren omgaan met geld als het niet meer fysiek is?
Dat is pas een uitdaging!
Never spend your money before you have it – Thomas Jefferson
Lionel Pavey
Cash Management and Treasury Specialist – Flex Treasurer
Fintech Recruitment Considerations
| 3-3-2017 | Pieter de Kiewit |
Fintechs are interesting beasts. They are a mixture of innovations in marketing, technology and finance. Very often they are relatively small, flexible and extremely entrepreneurial. Their ownership, funding and organisation structure are non-standard. Finally Fintechs were able to avoid the regulators but do know they cannot escape them forever. The easiest examples of this are the PSD2 introduction and fiscal authorities zooming in on Bitcoin. What will be the exact consequences? Joop Wijn being recruited by Adyen might be a smart response to this.
From a job content perspective, recruitment in Fintech is quite straightforward: we are looking for skills in software, in regulations, new business development and marketing. Where it gets tough is combining skills with a start-up mentality. If you have this mentality, why be an employee and not start your own company? And does the personality of somebody being excellent in a team of five also match when the team is growing much bigger? This often leads to constantly shifting requirements and creative recruitment. I need more personal interviews because the cv is often not the proper predictor of success. All this makes my position more challenging and appealing. Using on-line personality assessments really does add value in processes like these.
I want to wrap up with a remark about bankers making the transfer to Fintech. From a skills perspective they are a good match and often served the proper clients. Hurdles they have to overcome are working within the mentality of a small company, with little support and a very diverse number of tasks. Together with a non-banking remuneration and a non-banking work-life balance the number of hurdles is too high for many of them .
What successful Fintech recruits did you see recently?
Pieter de Kiewit
Owner Treasurer Search
De controller in een veranderende omgeving: Budgetteren als hulpmiddel bij cashmanagement
| 28-2-2017 | Olivier Werlingshoff | FM.nl |
Op de website FM.nl vonden wij een artikel van Theo van Houten ( 21 februari 2017) die wij graag met jullie willen delen.
Hij schrijft: ‘Zijn de methoden en technieken die controllers tijdens hun studie leerden nog wel relevant nu organisaties in een omgeving werken die inmiddels veel dynamischer en complexer is?’ Het artikel is een onderdeel van een serie en richt de focus op cash managment.
Cash Management
Theo van Houten schrijft dat cashmanagement gaat over alle activiteiten die verband houden met de optimalisatie van de kasstromen tussen de organisatie en haar stakeholders, zoals bijvoorbeeld klanten, leveranciers, werknemers en financiers. Een goed kasbeheer is voor een organisatie vaak van doorslaggevend belang. Dat komt mede door de hoge kosten die verbonden zijn aan het aanhouden van liquide middelen en het afwikkelen van ontvangsten en betalingen.
Maar de belangrijkste reden voor een goed cashmanagement is het voorkomen van een faillissement. Het CBS doet jaarlijks onderzoek naar de oorzaken van een faillissement. Daartoe onderzoekt zij gerechtelijke vonnissen om het eerder uitgesproken faillissement te beëindigen, omdat er bijvoorbeeld door de curator een akkoord met de schuldeisers is bereikt of omdat er een gebrek aan baten is. De rechter baseert zich bij die uitspraak op het verslag van de curator die de oorzaak van het faillissement heeft vastgesteld. In december 2016 publiceerde het CBS de cijfers over 2015. In dat jaar werden van 7.602 rechtspersonen (exclusief eenmanszaken) het faillissement beëindigd. Die organisaties waren door de volgende oorzaken failliet gegaan;
De belangrijkste oorzaken zijn dus:
Volgens The van Houten maakt het overzicht duidelijk dat in verreweg de meeste gevallen de oorzaken direct (krediet-stop, oninbare debiteuren, te lage financiering) of indirect (tegenvallende afzet, administratieve missers, hoge financieringslasten) de liquiditeit van de organisatie aantasten. Het gevolg daarvan is, dat er bijvoorbeeld niet meer kan worden ingekocht op rekening, personeel niet meer betaald kan worden of de te betalen belasting verschuldigd blijft. Een faillissement is dan vaak onafwendbaar.
Budgetteren als hulpmiddel bij cashmanagement
Een van de belangrijkste planningsinstrumenten waar een controller volgens The van Houten mee werkt is het budget. Budgetten zijn taakstellende begrotingen, dus aan financiële grenzen gebonden plannen van actie. Er zijn belangrijke redenen om te budgetteren. Vaak genoemd worden: kostenbeheersing, het verhogen van de slagkracht, coördinatie en communicatie, prestatiemeting en de bijdrage die ze leveren aan het voorspellen van de financiële resultaten van de organisatie.
Ook op het gebied van cashmanagement kunnen budgetten een belangrijke bijdrage leveren. Dat gebeurt via het zogenaamde masterbudget. Hiermee wordt een samenhangend geheel van alle deelbudgetten bedoeld, dat resulteert in een begrote eindbalans, begrote resultatenrekening én een liquiditeitsbegroting.
Om dat masterbudget op te stellen, begint de controller om in samenspraak met degenen die er zicht op hebben (de verkoopafdeling, bijvoorbeeld) een inschatting te maken van de te verwachten omzet voor komend jaar en meestal wordt dat nader gespecificeerd in verkopen per kwartaal, maand of week. Zodra dat bekend is, kan bepaald worden wat er elke periode geproduceerd moet worden, waarbij rekening gehouden wordt met beschikbare en gewenste voorraden eindproducten. Daarna kunnen de inkopen gebudgetteerd worden die noodzakelijk zijn om te kunnen produceren, waarbij ook hier rekening gehouden wordt met beschikbare en gewenste voorraden grondstof.
In veel organisaties start het budgetteringsproces in het najaar met het opstellen van een begroting, waarna voor het einde van het jaar de budgetten van komend jaar worden bepaald die vervolgens vaak een heel jaar ongewijzigd blijven. Deze budgetten zijn niet zelden ook het uitgangspunt waarop het cashmanagement is gebaseerd. De economische omstandigheden veranderen tegenwoordig echter zo snel, dat de budgetten veel minder houvast geven. Dat heeft grote gevolgen voor de mogelijkheid om aan betalingsverplichtingen te voldoen. Gaat het immers plotseling slechter, dan neemt de omzet af en dat heeft al snel veel minder ontvangsten tot gevolg. Als daar qua uitgaven niet op geanticipeerd wordt, ontstaan mogelijk onoverkomelijke betalingsproblemen. Maar ook als het economisch ineens veel beter gaat, dan zijn er potentiële risico’s rond de liquiditeit. De extra inkopen en de eventueel extra personeelsleden die ingezet moeten worden, dienen vaak veel eerder betaald te worden dan het moment waarop de extra ontvangsten worden geïncasseerd.
Taken controller
Theo van Houten : ‘Het bovenstaande maakt budgetteren geen zinloze exercitie voor cashmanagement, integendeel. Nog steeds spelen ze een belangrijke rol bij het inschatten van toekomstige ontvangsten en uitgaven. In mijn vorige column gaf ik echter al aan dat de hoogte en samenstelling van planningsinstrumenten als budgetten beduidend vaker moet worden herzien dan in veel organisaties nu het geval is.
Hiervoor dient de controller veel dichter op de business te zitten en te begrijpen hoe de bedrijfsprocessen werken, zodat de gevolgen voor de geldstromen van veranderingen veel beter en sneller ingeschat kunnen worden. Dat maakt het namelijk mogelijk om te anticiperen en tijdig, voordat de problemen ontstaan, maatregelen te nemen, zoals het uitstellen of vervroegen van investeringen, het maken van afspraken over betaaltermijnen met klanten en leveranciers of het regelen van extra kredietfaciliteiten. Kortom, de controller heeft hier een spilfunctie. Om die goed uit te voeren is het noodzakelijk dat hij of zij in de gesprekken met budgethouders de te verwachten ontvangsten en uitgaven steeds aan de orde stelt.’
De hele serie artikelen kunt u lezen op FM.nl
Zo ver het artikel van Theo van Houten. Wij hebben onze expert Olivier Werlingshoff gevraagd om zijn eigen inzichten hierover met ons te delen. Zijn antwoord:
‘Ik ben het helemaal eens met wat er in het artikel word aangegeven.Wat ik tot nu toe echter heb gemerkt is dat (financial) controllers vaak naar de organisatie kijken vanuit de boekhouding en niet zozeer vanuit geldstromen. Business controllers kijken daarentegen weer meer naar de organisatie-processen. Het zou goed zijn als er ook meer gericht wordt gekeken naar de geldstromen en hoe deze kunnen worden ingeschat en zelfs kunnen worden geoptimaliseerd. Een voorbeeld hiervan is om te kijken naar de cashmanagement mogelijkheden die er bestaan om gelden sneller binnen de organisatie op de gewenste plek te krijgen.
In wat complexere organisaties zou de functie van het opvolgen van de diverse processen met een cash bril beter kunnen worden opgepakt door een toegewijde cashmanager. Een cashmanager is vaak beter dan een controller op de hoogte van de mogelijkheden die er in de markt bestaan om cashstromen te optimaliseren en te beheersen. Een goed combinatie en samenwerking tussen een controller en een cashmanager is naar mijn mening de oplossing om de financiële processen goed in beeld te krijgen, budgetten op te stellen en acties op te zetten om indien nodig bij te sturen.’
Olivier Werlingshoff
Managing Consultant at Proferus